Elektronische stabiliteitscontrole (ESC)
Elektronische stabiliteitscontrole (ESC) is een actief veiligheidssysteem dat de bestuurder helpt de auto op de bedoelde koers te houden wanneer deze begint te ondersturen of oversturen. Het vergelijkt de stuurinvoer met de werkelijke voertuigbeweging via signalen zoals wielsnelheid, stuurhoek, giersnelheid en dwarsversnelling.
Zo werkt het
Wanneer ESC een duidelijk verschil tussen de bedoelde en werkelijke richting vaststelt, kan het afzonderlijke wielen afremmen en om minder aandrijfkoppel vragen. Deze gerichte ingrepen veroorzaken een corrigerend giermoment dat de auto helpt stabiliseren. Het systeem grijpt normaal alleen in bij dreigend controleverlies en kan voelbaar zijn als kort remmen of minder acceleratie.
ESC kan de beschikbare bandengrip niet vergroten en een te hoge snelheid niet compenseren. Sneeuw, ijs, versleten banden en abrupte handelingen kunnen nog steeds een ongeval veroorzaken. Het is een stabiliteitshulp, geen functie voor geautomatiseerd rijden, en de bestuurder blijft verantwoordelijk voor snelheid en sturen.
Lees voor componenten, regellogica en verwante functies de techniek achter elektronische stabiliteitscontrole.